Terpstraschool Loosdrecht
Telefoon nummer: 035 5823864

Zorg voor leerlingen

De zorg voor onze leerlingen wordt gecoördineerd door onze intern begeleider.

Handelingsplannen zijn ervoor om kinderen die dat nodig hebben, extra zorg te bieden. Dit is omdat de leerstof soms niet aansluit bij de leerling; een handelingsplan kan dus ook voor een hoogbegaafde leerling zijn. Er is ook aandacht voor kinderen die op sociaal-emotioneel gebied ondersteuning nodig hebben.

Alle IB’ers van onze scholen nemen deel aan een netwerk om kennis en ervaring te delen. Daarnaast hebben we relaties met externe instanties waarnaar we kunnen verwijzen als dit nodig is, zoals het Samenwerkingsverband Unita. Naast onze scholen nemen nog andere scholen deel aan dit samenwerkingsverband, dat allerlei activiteiten ontwikkelt die de zorg voor de leerlingen op de scholen verbeteren en kennis inzet voor leerlingen die extra zorg nodig hebben.

We kunnen kinderen laten testen of begeleiden door externe deskundigen. Aanvragen voor onderzoeken en tests vinden altijd plaats in overleg met de IB’er. Ook wordt altijd schriftelijke toestemming van de ouders gevraagd.

Als ouders het advies krijgen van de school om hun kind te laten testen of onderzoeken, heeft de school altijd de toestemming van de ouders nodig. Als ouders die medewerking niet verlenen, kan dat tot gevolg hebben dat een kind niet die zorg krijgt die het nodig heeft.

Passend Onderwijs

Passend onderwijs heeft tot doel om de kwaliteit van onderwijs aan leerlingen met ondersteuningsvragen te verbeteren en passend te maken. Het kind staat centraal en het gaat erom wat de kansen en mogelijkheden van het kind zijn. Per leerling wordt gekeken waar en hoe het passend onderwijsaanbod het beste gerealiseerd kan worden.

Passend onderwijs betekent een omslag in het denken: - van moeilijkheden naar mogelijkheden; - van probleemgericht naar handelingsgericht; - van herstellen naar proactief handelen; - van over en voor het kind naar met het kind; - van informeren van ouders naar samenwerking met ouders.

Onze school is aangesloten bij samenwerkingsverband Unita, het samenwerkingsverband passend onderwijs voor primair onderwijs in de regio Gooi en Vechtstreek (regio 27-09). Unita geeft invulling aan de Wet passend onderwijs die 1 augustus 2014 is ingegaan. Op de website van Unita, www.swvunita.nl kunt u alles vinden over dit samenwerkingsverband en de inrichting van Passend Onderwijs in deze regio.

Bij aanmelding op onze school bespreekt de directie tijdens het intakegesprek de mogelijkheden van de school voor uw kind. Het komt natuurlijk ook voor dat een kind een speciale onderwijsbehoefte heeft. Het is goed om dit in het intakegesprek te bespreken, zodat bekeken kan worden of de onderwijsbehoeften van uw kind aansluiten bij de mogelijkheden van onze school. Mocht dat in uitzonderlijke gevallen niet zo zijn, dan gaat de school in overleg met u op zoek naar een school die wel in deze speciale onderwijsbehoefte kan voorzien. Ook het samenwerkingsverband wordt daarbij betrokken.

De school heeft een  School Ondersteunings Profiel (SOP) dat beschrijft  welke onderwijs- en opvoedondersteuning de Terpstraschool haar leerlingen (met speciale onderwijsbehoeften) biedt.

Instructiegroepen

Daarnaast wordt het onderwijsaanbod zoveel mogelijk afgestemd op de ontwikkeling van leerlingen. Differentiatie vindt dus in eerste instantie plaats binnen de jaargroep in de hoeveelheid leertijd, de instructie en de begeleiding door de groepsleerkracht en is zichtbaar in de groepsplannen. Ook de meest recente methodes bieden zeer overzichtelijke en bruikbare structuren om met deze vorm van differentiatie te werken.

Op basis van o.a. toetsresultaten en onderwijsbehoefte worden de leerlingen ingedeeld in drie subgroepen:
1. De topgroep; de instructieonafhankelijke leerlingen: zij volgen een verkorte instructie
2. De basisgroep; de instructiegevoelige leerlingen, zij volgen de basisinstructie
3. De instructiegroep, de instructieafhankelijke leerlingen, zij volgen verlengde instructie.

Verlengde instructie wordt zoveel mogelijk groepsgewijs aangeboden aan de instructietafel. In elke groep staat een instructietafel die voor dit doel beschikbaar is. Het werken aan de instructietafel draagt bij aan een stukje voorspelbaarheid en ondersteunt het planmatig werken met kinderen die verlengde instructie nodig hebben.

Voor deze groepen worden groepsplannen geschreven voor rekenen, technisch en begrijpend lezen en spelling, waarin de doelen worden geformuleerd.

Als de ontwikkeling op een of meerdere gebieden stagneert  dan wordt dit besproken met ouders en wordt bekeken in hoeverre de leerkracht het kind kan ondersteunen, of dat er voor een kind andere hulp moet komen. In dat geval kunnen we een beroep doen op verschillende instanties, afhankelijk van de problematiek van het kind. Zo kan het gaan om opvoedingsvragen, gedragsproblematiek , leerproblemen of een combinatie hiervan.
De intern begeleider is degene bij wie ouders en leerkrachten terecht kunnen om te bespreken welke route er in zo’n geval bewandeld zou moeten worden.

Groeidocument

Voor de kinderen in onze school die stagneren in het onderwijs kan hulp ingeroepen worden van het samenwerkingsverband. In overleg met de ib-er melden ouders hun kind aan voor een onderzoek: het MDO (Multi Disciplinair Overleg). Met ouders, leerkracht, intern begeleider en een of meerdere deskundigen van buitenaf wordt besproken wat de onderwijs- en de opvoedbehoeften zijn van de leerling: wat heeft deze leerling nodig om met plezier te leren? Ook wordt bepaald wat de ondersteuningsbehoeften zijn van de leerkracht en van de ouders: wat hebben zij nodig om dit kind te bieden wat hij/zij nodig heeft om zich optimaal te ontwikkelen? Dit wordt vastgelegd in het groeidocument. Dit groeidocument bevat alle informatie die verzameld wordt over het kind, de verslagen van de bijeenkomsten en de afspraken die onderling gemaakt worden. Het document  legt ook de vorderingen die het kind maakt vast. Ook kan besloten worden om de leerlijn van een vakgebied los te laten en een kind op een bepaald gebied lager te laten uitstromen naar het voortgezet onderwijs, maar ook dan moet het kind wel vorderingen blijven maken. Doel van dit alles is in de eerste plaats om het kind zich binnen de school zo optimaal mogelijk te laten ontwikkelen. In uitzonderlijke gevallen kan een kind ook verwezen worden naar het  speciaal (basis-) onderwijs.

Dyslexie

Als uw kind op school begint is het vooraf goed om de school op de hoogte te stellen van het eventueel voorkomen van dyslexie in de familie. Als een kind start met het leesproces in groep 3 kan na enige tijd blijken dat er sprake is van dyslectische kenmerken. Dyslexie valt in de meeste gevallen op dat moment nog niet vast te stellen.

Voor de school geldt dat een kind voor een dyslexieonderzoek in aanmerking kan komen als het op drie achtereenvolgende momenten op de Cito DMT een E heeft gescoord., of 3 achtereenvolgende momenten een E op Cito-spelling gecombineerd met D op de Cito DMT. Dyslexieonderzoek wordt vaak eind groep 4 of halverwege groep 5 ingezet.

Via een extern loket bij de gemeente wordt de aanvraag beoordeeld. Er kan dan nog om aanvullende gegevens worden gevraagd. Als uw kind enkelvoudige ernstige dyslexie heeft wordt de aanvraag toegwezen. Uw kind krijgt dan 40 vergoede behandelingen bij een aanbieder naar keuze.

Voor de school is dit de enige manier waarop een dyslexieverklaring kan worden verkregen. Als een kind dus 2 keer een E maar de derde keer een D scoort op de Cito-DMT toets, zal de aanvraag voor de vergoede zorg worden afgewezen.

Het is natuurlijk ook mogelijk dat een zeer zwakke lezer die niet aan de regels voldoet door ouders bij een extern bureau wordt aangemeld en een dyslexieverklaring krijgt, maar de kosten zijn in dat geval voor eigen rekening.

Een kind met een dyslexieverklaring krijgt op grond van die verklaring een aantal aanpassingen: het mag eventueel gebruikmaken van een laptop, bepaalde toetsen mogen worden voorgelezen, meer tijd bij toetsen, eventueel een vergroting van een toets of een zwart-wit kaart in plaats van een gekleurde, al naar gelang het advies in de dyslexieverklaring.

Zorgleerlingbesprekingen op school

Wanneer een kind problemen heeft waar het met behulp van ouders, leerkracht en ondersteunende anderen niet uitkomt, dan kan op dat moment de leerkracht, in overleg met de ouders, besluiten om het kind te bespreken in de zorgleerlingbespreking. In zo’n zorgoverleg zit de jeugdarts, jeugdverpleegkundige van de GGD, de interne begeleider van de school, eventueel de directeur, de leerplichtambtenaar en het schoolmaatschappelijk werk. Met elkaar wordt gekeken wat er precies aan de hand is en hoe de ouder, leerkracht en kind weer tot een prettige en leefbare situatie kunnen komen.

Mr. J. Terpstraschool

Nieuw Loosdrechtsedijk 65
1231 KM Loosdrecht
tel. 035-5823864

Informatie

Groepen